Bruggink legt vinger op zere plek: "Dat is natuurlijk heel gek"

Arnold Bruggink naast de dug-out van FC Twente
Arnold Bruggink naast de dug-out van FC Twente Foto: © Pro Shots

Arnold Bruggink heeft gemengde gevoelens overgehouden aan zijn periode als technisch directeur bij FC Twente. De voormalig profvoetballer, die dit jaar vanwege gezondheidsproblemen het besluit nam om te vertrekken bij de club uit Enschede, beseft nu achteraf dat hij dingen anders had moeten aanpakken. 

"Ik ben overtuigd van het Duitse model, met een sportief directeur en daaronder een technisch manager", legt hij uit in een uitgebreid interview op de website van Tubantia. "Ik dacht altijd dat ik die sportief directeur zou willen zijn, maar in de praktijk betekent het dat je heel erg in de overlegstructuren zit. Overleggen horen erbij, maar je moet nooit vergeten wat je belangrijkste taak is. Mijn kracht is de verbinding zoeken met trainers en spelers. Ik wil mensen helpen en in hun kracht zetten, ontwikkelen, beter maken. Daar kwam ik te weinig aan toe", blikt Bruggink terug.

"In de play-offs ben ik dichter op het team gaan zitten en toen merkte ik weer dat ik dat het leukste vind", vervolgt hij. "Een ander punt waar je te weinig aan toekomt, is het specifiek bekijken van nieuwe spelers. Dat is natuurlijk heel gek, want dat is ook superbelangrijk. Daar word je door de buitenwacht op afgerekend. In Nederland zag ik alle spelers wel live, maar omdat je om de drie dagen een wedstrijd had, gebeurde het bij buitenlandse spelers vaak via beelden of besprak je het met je scouts. Daar zou je als ‘td’ veel meer tijd aan willen besteden.”

Lees meer:
0 reacties